|
Op Urk gaat de wind eigenlijk nooit helemaal liggen. Mijn oom woont al zijn hele leven in Oud-Urk, in een van de smalle ginkies niet ver van de oude haven, en hij zegt altijd dat je aan zijn tuinhekje kunt zien uit welke hoek het waait. Aan zijn tuinlampjes kon je het ook zien. Die gingen om de paar maanden kapot. Een Urker noemt het IJsselmeer nog steeds de zee, en eerlijk is eerlijk, zo voelt het ook als je bij de vuurtoren staat. Het water is sinds de Afsluitdijk zoet, maar de wind die eroverheen komt, sleept vocht mee dat in elke kier gaat zitten. Voor alles wat buiten aan het stroomnet hangt, is dat een zware omgeving, zeker in de nieuwere wijken aan de rand van het dorp, waar tuinen open liggen en er weinig staat dat de wind breekt. Waarom buitenelektra hier sneller slijtBij buitenverlichting gaat het zelden in één klap mis. Het gaat langzaam. Condens in een armatuur die ’s nachts afkoelt en overdag weer opwarmt. Een buitenstopcontact op de wind waar de regen schuin tegenaan slaat. Contacten die groen uitslaan en schroefjes die vastroesten. Zout speelt ook mee, al komt dat hier vaker van het strooizout op de oprit dan van het water. Grondspots naast het pad krijgen dat pekelwater elke winter over zich heen. Bij mijn oom zat de oorzaak in een paar dingen tegelijk. Goedkope lampjes met een lage beschermingsgraad, een verlengsnoer dat onder de tegels door liep en een buitenstopcontact zonder klepje aan de westkant van het huis. Toen ook nog de aardlekschakelaar bij elke flinke bui uitsprong, belde mijn tante Elektricien Urk. Waar je op let bij de aanlegDe monteur nam rustig de tijd om uit te leggen wat er anders moest. Kijk eerst naar de IP-waarde van alles wat buiten komt. Voor een buitenstopcontact wordt meestal minimaal IP44 aangehouden, dat is bestand tegen spatwater. Voor grondspots die in het gras of tussen de tegels liggen, wil je eerder IP65 of IP67, omdat die tegen een harde waterstraal of zelfs tijdelijk onder water staan kunnen. Kies armaturen van kunststof, goed gecoat aluminium of roestvast staal, en niet de goedkoopste variant met een dun laagje verf. Ook onder de grond is er werk. Een gewoon snoer hoort daar niet. Er gaat speciale grondkabel in, op voldoende diepte zodat een schop er niet doorheen gaat, vaak wordt zo’n zestig centimeter aangehouden. De verbindingen komen in waterdichte lasdozen. Buitencontactdozen moeten volgens de NEN 1010 beveiligd zijn met een aardlekschakelaar van 30 milliampère, en het is verstandig om de hele buiteninstallatie op een eigen groep in de meterkast te zetten. Dan weet je bij een storing meteen waar je moet zoeken, en blijft het licht in huis gewoon branden. Laagspanning als tussenwegVoor sfeerverlichting langs paden en borders raadde Elektricien Urk een systeem op laagspanning aan, met een transformator op een droge plek in de schuur. Op 12 of 24 volt is een beschadigd kabeltje in de border een stuk minder gevaarlijk, en je kunt de lampjes later makkelijk verplaatsen als de tuin verandert. Het stopcontact voor de transformator en de aansluiting in de schuur blijven gewoon werk voor een vakman. Bij mijn oom hangt nu een buitenstopcontact met klepje aan de beschutte kant van het huis, lopen de lampjes op laagspanning en zit alles op een eigen groep. Hij kijkt elk voorjaar even of er geen vocht in de armaturen staat en of de rubbertjes nog heel zijn. Verder laat hij het over aan de wind. Die waait toch wel. |
Op Urk gaat de wind eigenlijk nooit helemaal liggen. Mijn oom woont al zijn hele leven in Oud-Urk, in een ...
Inhoudsopgave:
Tags:
